VERS VOER
Katachtigen zijn ten opzichte van de hond meer carnivoor. Hun menu is ook erg gevarieerd: konijnen, muizen, vissen, kikkers, insecten etc. Het zijn geen vleeseters maar prooidiereters. Dit betekent als wij de kat gaan voeren, dit wat tot uiting moet komen in een rijk gevarieerde dis met veel organen Soms wordt ook aan gras geknaagd. Sommige planten zijn heel geliefd bij katten zoals kattekruid, matatabi, valeriaan, papyrus, kattegras etc.

Onze kater Tiger ging zelf wilgenbast eten toen hij een vechtabces had.

Katten kunnen minder goed omgaan met plantaardige oliŽn dan honden. Beter is het dan ook om visolie te geven aan katten. Ze kunnen geen caroteen omzetten in vitamine A en hebben taurine nodig als essentieel aminozuur. Muizen bevatten 10 maal zoveel taurine als rundvlees, vandaar dat complete kattenvoeders altijd verrijkt moeten zijn met taurine.

  • Dieren die vers voer eten ten opzichte van droogvoer:
    • hebben geen mond - of vachtgeur,
    • zijn slanker en bespierder,
    • produceren minder ontlasting, die bovendien harder en donkerder is,
    • groeien minder snel, maar wel gelijkmatiger
    • hebben geen of minder last van vlooien
    • hebben geen huidproblemen
    • hebben minder last van blaasstenen (FUS in het algemeen).
    • zijn levendig en hebben zin in alles (iets wat ik vaak hoor na de overschakeling.

Fokken en vers voer is een uitstekende combinatie om tot zeer goede resultaten te komen.

De ingrediŽnten voor het voer kunnen dus zeer gevarieerd zijn en afwisseling is noodzakelijk om bepaalde tekorten te voorkomen. Daar hoeven we trouwens niet zo bang voor te zijn als iedereen ons wil doen geloven.
We gaan voor ons zelf toch ook niet continue afwegen en uitrekenen of we het wel goed doen. Dit is ook onzinnig omdat de opneembaarheid van diverse onderdelen niet bekend zijn. Bij het 'bijsturen'
Evan vitaminen en mineralen worden juist vaak de fouten gemaakt dat deze de opneembaarheid en stofwisseling van andere stoffen beÔnvloeden.

Eiwitten, vetten en koolhydraten
Als eiwit bron kan allerlei soorten vis of vlees dienen. Geen varkensvlees. Vleesresten op karkas of graat is ook goed. Rauwe vissenkoppen zijn ook o.k. of soeplappen die over de datum zijn b.v. Wat ik wil zeggen is: het hoeft geen haasbiefstuk te zijn. Af en toe lever, nieren, longen en ander orgaanvlees is ook perfect. Een rauw ei is ook goed.
Lever is een goede bron voor vitamine A. Geef wel lever van dieren die jong zijn geslacht en/of biologisch gehouden worden.
Gefermenteerde soya als Tofu, Tempeh of Miso zijn ook prima. In tegenstelling tot wat vaak beweerd wordt kunnen katten goed omgaan met gefermenteerde soya producten zoals miso en tofu.
Vis is als leverancier van omega's bekend. De kwaliteit van visolie en levertraan olie kan verschillen. Kijk uit met oliŽn die niet in de koeling bewaard hoeven te worden. Dierlijk, rauw vet is niet ongezond, integendeel, het geeft o.a. ook de mogelijkheden om de vetoplosbare vitamines tot zijn recht te laten komen.

Plantaardige suikers worden van nature (bijna) niet opgenomen. Dit geldt in zeer hoge mate voor de kat en de fret. Suikers in de vorm van rijpe graanproducten zijn vergif zoor de kat en de fret en leiden tot tal van stofwisselingsstoornissen. Het is bijna onmogelijk een brokje te maken zonder dat er granen in verwerkt worden Eendagskuikens zijn op zich goed voer, maar omdat ze een bijproduct zijn van eenzijdige selectie binnen de bio-industrie wil ik dit niet actief promoten.

Micro-organismen en enzymen
Rauw voer is rijk aan enzymen, microleven en organische sporenelementen. Een brokje is eigenlijk 'dood voer. Het beste is natuurlijk gevarieerd vers voer te geven, maar als dat niet mogelijk is kunnen ook enzymen en micro-organismen gegeven worden in de vorm van probiotica (mifloran en naturenzymes bijvoorbleeld). Een goed supplement als aanvulling op droogvoer is Missing Link, wat veel goede sporenelementen en vitaminen bevat in een natuurlijke (organische) verbindingen.

Groenten en fruit
Sommige katten eten groenten en fruit. Als het graag hebben is daar niets op tegen, omdat het een aanvulling kan zijn op iets wat ze tekort komen.
Katten met een sterk werkende schildklier (hyperthyreoidie) kunnen spontaan broccoli gaan eten. In broccoli zitten schildklierremmende stoffen (thiouracil)

Kruiden
Het kan ook gebeuren dat ze als een 'gek' allerlei planten gaan aanvreten. Vaak duidt dit op verveling of een gebrek aan iets.
Alle kruiden die routinematig voor de mens gebruikt worden zijn geschikt. Maar ook eonkruidenf zoals paardebloem, varkensgras, hondsdraf, brandnetel etc. zijn welkom. Deze met mate geven en goed voorweken.

Supplementen
Voor de Calcium en Fosfor voorziening zijn rauwe bootten het meest geschikt. Het beste zijn platte botten als ribben, schouderblad, staarten etc. Kippenbouten met bot zijn goed geschikt.
Belangrijk: nooit koken die botten. Dan pas worden ze gevaarlijk en splinterig. Als je de botten te eng vindt kan je ook supplementen in de vorm van calcium citraat en fosfor citraat krijgen.

Missing Link is een goed supplement bij droogvoer.
Verder kan Aromax, met kruiden, prebiotica, micro-organismen, essenti
√ęle vetzuren en welkome aanvulling zijn.
Verder kan men biergist, spirulina, algen, wieren, gerstsap etc allemaal (afwisselend) toedienen.

Bereiding
Vlees, vis en eieren rauw geven. Gebruik ingevroren vlees, omdat dit invriezen een aantal mogelijk schadelijke parasieten (lintworm, toxoplasma, sarcocystes) afdoodt.
Groenten voorweken.
Voor Salmonella infecties zijn dieren niet zo gevoelig, maar mensen wel. HygiŽne goed betrachten zodat er geen kruisbesmetting mogelijk is (rauwe kip met de hand aanraken en vervolgens de salade voor jezelf met besmette handen gaan voorbereiden).

Vaak zien we bij de overgang op eversfeen periode van diarree optreden die 1 tot wel 10 dagen kan aanhouden. Vaak hebben dieren die eerst op Eukanuba of Pedigree brokken gestaan hebben de meest last van de overgang.
Is wenperiode te extreem: de hoeveelheid vers terugbrengen en licht de kook erover laten gaan.

Hoeveelheid
Voer uw dier naar conditie: ribben voelbaar, maar niet zichtbaar. Een mooi ingedeukte lendenpartij die van de zijkant gezien schuin richting bekken naar boven loopt.
Een richtlijn is 20 gram per kg lichaamsgewicht. Voor jonge dieren twee tot driemaal zoveel; een en ander afhankelijk van conditie, beweging en stofwisselingsniveau.
Ze moeten het eten binnen een half uur op hebben. Daarna wegpakken en de volgende dag minder geven.